zondag 21 september 2014

interview De Streekkrant: fotograaf Michiel Hendryckx

    'ALLE MANNEN ZIJN EGOISTEN'
 
 
GENT Michiel Hendryckx (63), Vlaams (pers)fotograaf en televisiefiguur mag dan wel op rust zijn, hij bruist van activiteit. Hij laat ons binnenkijken in zijn hart, haalt herinneringen op en vertelt over verdriet om een verloren liefde.

Michiel Hendryckx weet van geen ophouden. Een jeune premier met zoveel engagement en plannen is een curiosum. Michiel zal voorwaar meer dan 100 jaar moeten worden om alles te realiseren. “Ik ben nooit een gatlikker geweest maar altijd wel een hardwerkende, trouwe en loyale werknemer. Het bewijs? In 35 jaar slechts 10 dagen afwezigheid wegens ziekte”. Michiel was 60 jaar jong en ging desalniettemin officieel met pensioen. “Ik was gewoon de files beu. Uren onderweg, evenveel stilstaan als rijden, een ganse dag op de baan om 1 foto te maken ergens aan de andere kant van het land, trop is teveel. Het was wel een leerrijke ervaring. Vanaf 10 uur zie je een ander soort auto’s op de weg, een ander publiek. Het hoger management mag later beginnen, het gewone volk is dan al lang aan het werk, die mochten in de file staan. Weet je wie zich het meest misdraagt in het verkeer? Chauffeurs van zwarte auto’s, die rijden roekeloos en onvoorzichtig.! Hou het zelf maar in de gaten, je zal mij gelijk geven”. Michiel verplaats zich het liefst met z’n maxiscooter. Het is ooit anders geweest. “Op mijn Harley-Davidson, een superbeest, was ik echt fier. Tot ik merkte dat Harley-Davidson rijders een publiek aantrekken waarmee ik liever niet in contact kom”.

‘Verliefd zijn duurt slechts 3 maanden’

 Zware motoren, stoere mannen, aan elke vinger een lief. Michiel kan ervan meepraten. “Echt verliefd zijn duurt  3 maanden, dan komen de interessante jaren. Een ideale relatie, dat zijn 2 mensen die voor elkaar zorgen, 2 individuen die zich in bed geborgen voelen”. Nochtans zijn de wilde jaren van Hendryckx niet weg te cijferen. “Mijn vriendinnen hadden mij nooit voor zich alleen. Vrouwen moesten me altijd delen. Alle mannen zijn egoïsten, ik ben niet beter dan een ander. Een avontuurlijk leven, altijd mijn dada geweest. Chaos maakt gelukkig. Bindingsangst is geen schande. Maar met al mijn liefjes bleef ik bevriend”.

‘We zijn niet gemaakt om te sterven’

De dood ontziet niets of niemand. Door kanker verdween een geliefde uit het leven van Michiel. Hij praat er liever niet over. Weemoedig krijgt hij tranen in de ogen. “In Spanje kreeg ik een telefoontje van Christine: ‘Ik heb kanker, ik ga dood! Verdwijn uit mijn leven, je kent me niet lang genoeg om de lange weg van miserie mee te stappen." Natuurlijk ging ik niet weg uit haar leven. Vier maanden later was ze dood. Ze was amper 49 jaar. Eén jaar heeft onze relatie geduurd. Na haar dood volgde een horrorperiode voor mij, toen ben ik echt beginnen verouderen. Blijten heb ik gedaan, een ganse zee heb ik met mijn tranen gevuld. Dju toch, onbegrijpelijk. Mensen willen leven, we zijn toch niet gemaakt om te sterven! Het heeft me wel veel geleerd over vriendschap.  Op zoek naar steun terwijl Christine aan het sterven was kreeg ik bij sommige zogenaamde vrienden de botte reactie: ‘Laat ons met rust, we willen er liever niets mee te maken hebben’. Het voelde aan alsof ik kanker had”.

Michiel is, ondanks zijn status, een nederig man. “Ik heb een hekel aan mensen met pretentie die denken dat ze alles weten. Cynisch is dat”. Hij was jarenlang persfotograaf, 40 jaar journalistiek laat je niet zomaar los. Zijn foto’s worden nog altijd maar al te graag gepubliceerd door kranten en tijdschriften. “Ik ben verslaafd aan kranten, lees er elke dag 3. Ik hou van de nederigheid van een krant, dat er ’s avonds patatten worden geschild op mijn werk. Werken voor een volks medium heb ik altijd belangrijk gevonden”. Wij ook Michiel!
 
'Van de partij Groen word ik zot'
 
Michiel Hendryckx is een verteller met foto’s die ontroering teweeg brengen. “Sommigen noemen me wel eens een wereldreiziger. Het hoeft niet altijd naar verre bestemmingen te zijn. Dichtbij kan al voldoende zijn. Reizen is meer een gevoel, een ingesteldheid die niets te maken heeft met afstand of kilometers. Ondanks alles is m’n huis m’n thuis”. Gent blijft zijn habitat. “Ik ben verliefd op Gent, voel me hier overgelukkig. Een levendige en romantische stad, met een groot vrijheidsgevoel, inwoners met veel zelfspot en humor. Als student zat ik hier bij de paters Augustijnen op kot. Volgens mijn ouders een veilige plaats. Wat ze niet wisten: er was bij de paters geen toezicht. Het werden mijn meest onvergetelijke en wilde rock & roll jaren in het hartje van artistiek Gent. Poepeloere zat op handen en voeten naar mijn kot kruipen was bijna een vast ritueel. Eindelijk verlost van de West-Vlaamse hypocrisie”.
Toch is het volgens MIchiel niet allemaal rozengeur en maneschijn in Gent. “Ik verplicht mezelf om over alles een mening te hebben omdat me dat behoedt voor onverschilligheid, het vreselijkste wat er is. Van ‘Groen’ word ik zot! Overal paaltjes zetten om het verkeer te bannen is niet moeilijk, maar aan de vervuilende industriezones raakt men niet. De binnenstad autovrij maken is te drastisch gebeurd. De stad werd afgesloten en ontsmet, alsof auto’s kakkerlakken zijn. Ik heb heimwee naar de tijd toen er nog auto’s mochten rijden in de Veldstraat. Men zou terug verkeer in de stad moeten toelaten, al was het maar voor de sfeer. Zoals vroeger, met de wagen over de Sint Michielsbrug de stad inkomen was toch een spectaculaire entree. In Duitsland maken ze nu autoluw wat voorheen autovrij was”.
Hendryckx is een tevreden man “Ik heb niet veel nodig om te genieten. Ik ben de eeuwige scout, sta altijd paraat om in te springen en te helpen”.
 
De Groote Oorlog
 
“Geloof het of niet, Nooit of nooit heb ik bij de VRT aan de deur gestaan met de vraag: laat mij een programma maken. Ik werd gevraagd! Ooit zei er eens iemand van de VRT: ‘Jouw poëtische kak hebben we niet meer nodig'. Maar ik weet te relativeren, ni Dieu, ni maître”. Zijn interesse is breed. Michiel haalde het opmerkelijk doch vrij onbekende boek ‘Het Frontparadijs’ van onder het stof. Een relaas van de Duitse soldaat Heinrich Wandt in bezet Gent tijdens wereldoorlog II. De auteur hield zijn kruit droog tot na de oorlog en deed toen een explosief boekje open over decadente wanpraktijken. “Hij spijkert zijn oversten met naam en toenaam aan de schandpaal en hangt hun vuile onderbroeken buiten. Het echte verhaal over corruptie, erotiek, prostitutie en officiersbordelen in frontparadijs Gent. Hendryckx lobbyde voor deze heruitgave en schreef de inleiding. Aanbevolen lectuur!
 
Frans Van Damme
 
 
 
Dit interview verscheen in De Streekkrant, editie groot Gent/Deinze - week39/2014
 
 
 
 
 

 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten